Hand. 15,36-41

Uit Theowiki

De weg van Paulus naar Rome. (Hand. 15,36-28,31)

De volgende missiereis wordt meestal onderverdeeld in twee reizen, waarvan de scheiding in 18,23 geplaatst wordt. Men kan de cesuur beter plaatsen in 19,21 waar Paulus het plan opvat om via Jeruzalem naar Rome te reizen. De missieperiode van Paulus eindigt bij zijn afscheid in Milete (20,17-38), waarin het lijden dat hem te wachten staat wordt aangekondigd (20,22-24).

Het hernemen van de missie. (Hand. 15,36-41)

15,36 Na enige dagen zei Paulus tot Barnabas: 'Laten we nog eens de broeders gaan bezoeken in alle steden waar we het woord des Heren verkondigd hebben, om te zien hoe het hun gaat.
37 Nu wilde Barnabas ook Johannes, bijgenaamd Marcus, meenemen,
38 maar Paulus vond het beter iemand die hen in Pamfylië in de steek had gelaten en zich niet met hen aan het werk gewijd had, niet meer mee te nemen.
39 Het meningsverschil liep zo hoog op, dat ze uit elkaar gingen en Barnabas samen met Marcus scheepging naar Cyprus.
40 Paulus daarentegen liet zijn keus vallen op Silas en vertrok, door de broeders aan de genade van de Heer aanbevolen.
41 Hij reisde Syrië en Cilicië door en sterkte de gemeenten.
(Hand. 15,36-14)

15,36 "in alle steden waar we het woord des Heren verkondigd hebben" Paulus wil blijkbaar alleen gaan naar de kerken waar hij al geweest is in Kl. Azië. Tijdens de reis zal God hem tweemaal de opdracht geven om ook naar Europa te gaan. (16,6.7.9) De kerken die hij rond de Egeïsche zee zal stichten zullen van enorm belang zijn voor het jonge Christendom. Namen: Filippi, Thessalonica, Berea, Athene, Korinte, Efese. De tijd dat Paulus en Barnabas na het vertrek van de gezanten in Antiochië verbleven is niet zo lang geweest. Echter wel lang genoeg dat Silas nog uit Jeruzalem kon terugkeren om Paulus te vervoegen (15,40).

Paulus weet dat zijn nog jonge Christen-gemeenschappen in hun geloof bevestigd moeten worden. Hoezeer hij zich om zijn kerken bekommerde blijkt overigens uit vrijwel elke bladzijde van zijn brieven. Bv. Rom. 1,9; 2 Kor. 11,28; Ef. 1,16; Fil. 1,3v. .

15,37 Barnabas was het hiermee eens maar hij wilde Johannes Marcus, zijn neef (indien het dezelfde persoon is in Kol. 4,10), meenemen. (vgl. 13,13)
15,38 Alhoewel Lukas het vriendelijk weergeeft horen wij toch iets van de verontwaardiging van Paulus over dit voorstel. Paulus kon blijkbaar geen onstandvastigheid verdragen.
15,39 "Het meningsverschil liep zo hoog op" Barnabas wilde in dit geval niet toegeven, alhoewel hij elders als goedmoedig en vredelievend van aard wordt genoemd (4,36; 9,36; 11,24). Welke redenen hij had wordt niet vermeld, vermoedelijk wilde hij zijn familielid bij zich hebben. Het werd een hooglopende ruzie die tot een breuk leidde. Hiëronymus zegt hierover: "Paulus was strenger, Barnabas milder; elk van beiden had op zijn manier overvloedig gelijk. En toch heeft de onenigheid iets van de menselijke zwakheid."

Misschien was er nog een reden, die hier niet genoemd wordt. In Gal. 2,13 wordt immers gezegd dat zelfs Barnabas zich door Petrus' veinzerij liet verleiden."En de overige Joden veinsden met hen mee, zodat zelfs Barnabas zich door hun veinzerij liet meeslepen."
De scheiding leidde overigens niet tot een blijvende onenigheid want in 1 Kor. 6,9 spreekt Paulus met grote waardering over zijn vroegere metgezel. Ook de verstandhouding tussen Paulus en Johannes-Markus was later uitstekend (Kol. 4,10; Filem. 24; 2 Tim. 4,11). Barnabas en Markus gaan dan naar Cyprus. Immers de kerken van de vorige reis wilden zij gaan bezoeken.

15,40 "door de broeders aan de genade van de Heer aanbevolen" Paulus koos Silas in plaats van Barnabas. "door de broeders aan de genade van de Heer aanbevolen" dit wijst weer op hun zending door de kerk van Antiochië. Omdat Barnabas naar Cyprus reisde, reisde Paulus over land rechtstreeks naar de steden van Z.-Galatië waar hij voorheen gepredikt had. Omdat het apostolische schrijven uit 15,23 ook tot deze kerken gericht was, dreigde daar blijkbaar ook het gevaar van judaïserende Christenen.